De Joodse herdenkingszuil

In de schaduw van een rode beuk aan de Knieberglaan staat de Joodse herdenkingszuil. Net als de straatnaam herinnert hij aan het Joodse gezin Knieberg. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het hele gezin naar de concentratiekampen gedeporteerd en op twee leden na vermoord. De zuil is uit Franse kalksteen gekapt en draagt een Davidster. In het centrum van de ster staat in het Hebreeuws de spreuk: ‘Laat mijn volk gaan’. Volgens het boek Exodus richtte Mozes dit verzoek aan de farao om het Joodse volk uit Egypte te bevrijden. Zoals de inscriptie aan de voorzijde vertelt, is de rode beuk een levensboom die bij de herdenkingszuil hoort. Daarbij is 5750 het jaar 1990 volgens de Joodse jaartelling.

3 beoordelingen

Het gezin Knieberg

Het gezin Knieberg komt oorspronkelijk uit Duitsland. Als de nazi’s daar in 1933 de macht grijpen, emigreren de Kniebergs vanuit Hamborn naar Nieuwenhagen. Vader Berek Knieberg, moeder Chana Ruchla Knieberg-Polawski en hun kinderen Siegmund, Clara en Leo betrekken een bovenwoning aan de Hereweg, op nummer 87. Om de kost te winnen verkoopt vader Knieberg stoffen. Jarenlang leidt het gezin een rustig bestaan in het veilige Nederland. Maar dan voltrekt zich een nachtmerrie. Op 10 mei 1940 valt Duitsland ons land binnen. Het duurt niet lang voordat de Duitse bezetter ook hier zijn anti-Joodse beleid introduceert. In de zomer van 1942 komen de deportaties naar de concentratiekampen op gang. Ook het gezin Knieberg wordt opgehaald, met uitzondering van Clara. In opdracht van huisarts Van der Eerden is zij met een smoes opgenomen in het ziekenhuis van Heerlen. Haar ouders en broers worden naar kamp Westerbork gebracht. Van daar uit gaan ze in 1943 op transport naar vernietigingskamp Sobibor. Vader, moeder en Leo worden direct na aankomst vergast. Siegmund wordt ‘arbeitsfähig’ bevonden en overleeft daardoor de oorlog. Clara duikt na haar ziekenhuisverblijf onder bij boer Spierts in Spekholzerheide. De Duitsers weten haar alsnog op te sporen en deporteren haar naar Auschwitz. Hoewel ze daar met de beruchte kamparts Joseph Mengele in aanraking komt, overleeft ze de oorlog. Na hun terugkeer in de Mijnstreek openen Clara en Siegmund een stoffenwinkeltje in Heerlen. Wanneer Clara met een Oostenrijkse jood trouwt en naar Amerika emigreert, gaat Siegmund met hen mee.

De onthulling

Veertig jaar later maakt gemeentepolitieman en Israëlkenner Hein Steinen zich sterk voor een monument ter nagedachtenis aan de Kniebergs. Het gezin is volledig in de vergetelheid geraakt en daar moet verandering in komen. Hij ontwerpt de Joodse herdenkingszuil en start een geldinzamelingsactie. Zijn vasthoudendheid loont. Met medewerking van de gemeente Landgraaf krijgt het monument een plaats in de nieuwbouwwijk Schanserveld. Steinen weet Clara en Siegmung op te sporen en vraagt of ze naar Nederland willen komen om de herdenkingszuil te onthullen. Clara stemt toe, maar Siegmund blijft liever in Amerika. De onthulling zou emotioneel te zwaar voor hem zijn. Op 9 september 1990 is het zo ver. Eerst wordt de nieuwe straat door het Schanserveld tot Knieberglaan gedoopt. Daarna onthullen Clara en haar man de herdenkingszuil en planten ze de levensboom. Naast burgemeester Hans Coenders en Hein Steinen zijn ook huisarts Van der Eerden en Clara’s vroegere vriendin in Auschwitz aanwezig. Na de bijzondere ceremonie volgt een kranslegging.

Bronnen

Actie schrijver Steinen succesvol in Landgraaf. Lot der Joden met monument herdacht (1989, 2 december). Limburgs Dagblad.

Eelaart, A.W.A. van den (1983). Nieuwenhagen. Verleden en heden. Eygelshoven: Eijdems.

Nationaal Comité 4 en 5 mei. Nieuwenhagen, Joods monument voor de familie Knieberg, geraadpleegd van http://www.4en5mei.nl/herinneren/oorlogsmonumenten 

Ter herinnering aan joodse familie. Knieberglaan in Landgraaf (1990, 6 september). Limburgs Dagblad.

Twee joodse gedenktekens in Landgraaf (1990, 10 september). Limburgs Dagblad.

Deel deze locatie

Tip je vrienden die deze plek gezien moeten hebben! #ontdeklandgraaf